Op deze pagina vind je nuttige informatie over decretale en andere regels voor gemeentelijke cultuurraden. Heel wat gemeenten hebben in de voorbije jaren gesleuteld aan hun culturele adviesraad met bv. de invoering van open vergaderingen, de hervorming van bestaande structuren of de samenvoeging met andere raden…

We kunnen het streven naar een meer dynamische werking alleen maar toejuichen. Maar daarbij worden de bestaande regelgeving best niet vergeten. Zo zijn ook vandaag nog steeds volgende regels van kracht voor participatie en advies in het lokale cultuurbeleid: (1) de algemeen geldende participatieprincipes uit het Decreet Lokaal Bestuur, (2) het Cultuurpact en (3) de artikels 52 e.v. uit het verder grotendeels opgeheven Decreet Lokaal Cultuurbeleid.

Bij het begin van de gemeentelijke beleidsperiode 2019-2024 bestond wel wat onduidelijkheid over de precieze impact van deze regelgeving. Een antwoord van bevoegd minister Sven Gatz (14/03/2019) op parlementaire vragen zorgde voor meer duidelijkheid: een vorm van cultureel adviesorgaan blijft nodig. Meer uitleg onderaan deze pagina.

Samengevat gelden volgende principes voor de organisatie van cultuurraden:

  • Het cultureel adviesorgaan kan advies geven op vraag en op eigen initiatief
  • Daarbij zijn minderheidsstandpunten mogelijk
  • Het lokaal bestuur motiveert waarom ze afwijkt van een advies
  • De raad kent een evenwichtige vertegenwoordiging van ideologische en filosofische strekkingen
  • De raad kent een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen
  • Leden van gemeenteraad en college zijn geen stemgerechtigd lid

Decreet Lokaal Bestuur

Net als alle andere gemeentelijke adviesraden moeten cultuurraden ook de basisprincipes uit het Decreet Lokaal Bestuur respecteren, die gelden voor alle raden (sinds 2019):

  • alleen de gemeenteraad kan overgaan tot de organisatie van adviesraden 
  • de gemeenteraad bepaalt bij reglement de concrete vorm en werking
  • ten hoogste twee derde van de leden van de raden is van hetzelfde geslacht
  • leden van gemeenteraad en college kunnen geen stemgerechtigd lid zijn

Opmerking: Wat te doen met leden van het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst? Sluiten we die best ook niet uit als stemgerechtigd lid van een adviesorgaan in lokale reglementen? Een lokale afweging…

Opmerking: Wat te doen als men echt niet voldoende mannen/vrouwen kan aantrekken? Zie hier voor meer info.

— meer informatie over de algemene regels voor adviesraden

Cultuurpact

Het beleidsthema ‘cultuur’ valt ook onder het toepassingsgebied van het Cultuurpact: ook op deze manier blijft participatie bij de culturele materies via een adviesorgaan een wettelijke verplichting. Het Cultuurpact is immers een “wet van openbare orde” en  dus blijven onderstaande principes gelden (in beginsel zelfs primeren boven andere regels):

Hoofdstuk III – Deelneming aan de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid

Art 6: Elke overheid moet alle erkende representatieve verenigingen en alle ideologische en filosofische strekkingen betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid. Met dit doel zullen zij een beroep doen op passende, bestaande of op te richten organen en structuren, met het oog op inspraak of advies.

Art 7: Deze organen van advies worden zo samengesteld dat de vertegenwoordiging van de ideologische en filosofische strekkingen alsmede van de gebruikersgroeperingen wordt verze­kerd en dat een onrechtmatig overwicht van één der strekkingen of van een geheel van organisaties van de gebruikers die beweren tot éénzelfde strekking te behoren, vermeden wordt. Bij de aan de overheid overgezonden adviezen kunnen minderheidsnota’s worden gevoegd.

— meer informatie op cultuurpact.be 

Decreet Lokaal Cultuurbeleid

Het Decreet Lokaal Cultuurbeleid van 6 juli 2012 is grotendeels opgeheven. Zo werden ook de Vlaamse middelen voor het lokale cultuurbeleid ingekantelt in de algemene middelen voor de Vlaamse steden en gemeenten. De artikels m.b.t. de “organisatie van het overleg en de advisering van het gemeentelijk cultuurbeleid” zijn daarbij niet opgeheven.

Over de culturele adviesorganen vermeldt het Decreet Lokaal Cultuurbeleid het volgende:

Art. 52: Met het oog op de voorbereiding en de evaluatie van het cultuurbeleid, organiseert de gemeente inspraak en participatie met alle lokale belanghebbenden. Ze toont aan dat ze de lokale belanghebbenden heeft betrokken bij de opmaak van de strategische meerjarenplanning.

Art. 53: De gemeente moet de volgende culturele actoren bij de organisatie van inspraak en participatie betrekken :
1° alle culturele organisaties en instellingen, zowel private als publieke, die het Nederlandstalige culturele leven bevorderen, die werken met vrijwilligers of met professionele beroepskrachten en die een werking ontplooien op het grondgebied van de gemeente;
2° deskundigen op het vlak van cultuur die het Nederlandstalige culturele leven bevorderen en die in de gemeente wonen.

Art 54: De gemeente kan de actoren, vermeld in artikel 53, op twee manieren betrekken in het cultuurbeleid :
1° door de oprichting van één gemeentelijke raad, met adviserende bevoegdheid over alle culturele materies voor de hele gemeente;
2° door de oprichting van sectorale deelraden, met adviserende bevoegdheid over hun sectorale materie voor de hele gemeente.     
Vertegenwoordigers van elke deelraad vormen daarnaast een overkoepelende gemeentelijke raad met adviserende bevoegdheid over de grote lijnen van het gemeentelijk cultuurbeleid.

Art. 55: De gemeente moet, in het kader van de beleidsvoorbereiding en -evaluatie, advies vragen aan de adviesorganen over alle aangelegenheden, vermeld in artikel 4, 1° tot en met 10°, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, met uitzondering van punt 7° (jeugdbeleid) en 9° (sport).

Art. 56: De adviesorganen kunnen ook op eigen initiatief advies uitbrengen.

Art. 57: De gemeente moet bij het nemen van beslissingen eventuele afwijkingen op de uitgebrachte adviezen motiveren. [Dit blijft toch een belangrijk principe, volgens De Wakkere Burger]

Art. 58: De gemeente bepaalt de nadere voorwaarden van de werking van de adviesorganen voor cultuur.

— meer informatie over het decreet lokaal cultuurbeleid

Extra uitleg

Al een hele tijd bestaat er heel wat discussie over het al dan niet verplichte karakter van de lokale cultuurraden. In 2019 gingen al volop geruchten rond over het “einde van de cultuurraden”. Die uitspraken bleken enigszins voorbarig en minstens ongenuanceerd. Op 14 maart 2019 beantwoordde Vlaams minister Sven Gatz twee parlementaire vragen over deze kwestie in de Commissie Cultuur van het Vlaams Parlement. De hoofdlijnen van het antwoord:

  • Een vorm van ‘culturele raad’ blijft verplicht: minstens één adviesorgaan over culturele aangelegenheden moet aanwezig zijn in elke gemeente.
  • De Cultuurpactwetgeving, het Decreet Lokaal Cultuurbeleid en het Decreet Lokaal Bestuur blijven van toepassing inzake de cultuurraden (zie hierboven). Afwijkingen zijn juridisch niet mogelijk.
  • Er bestaat wel geen enkele verplichting om ‘cultuurraad’ als naam voor dit adviesorgaan te hanteren. Of om klassieke structuren of gewoontes te behouden.
  • Er bestaat geen verplichte termijn voor de hersamenstelling van deze adviesraden: de gemeente bepaalt zelf een redelijke termijn,
  • De jeugdraad blijft verplicht als adviesraad,
  • De sportraad is niet meer verplicht.

De bestaande regels zijn dus duidelijk meer dan een louter papieren realiteit. Minister Gatz pleitte wel – en De Wakkere Burger treedt dit uitgangspunt bij – om “een bredere participatie voor ogen te houden, weliswaar binnen de wettelijke krijtlijnen”. Maar volgens hem “laat de som van deze regels nog heel wat ruimte voor initiatieven richting bredere betrokkenheid en inhoudelijke diepgang.”

Ook De Wakkere Burger zou adviseren: Zet de organisatie van goede participatie voorop. Hou niet uit gewoonte vast aan traditionele, oude vormen. Maak binnen het bestaande juridische kader maximaal werk van een meer dynamische aanpak die streeft naar inhoudelijk sterk advies en een bredere betrokkenheid die meer aansluit bij de diversiteit in de samenleving.

Voor de volledigheid: een sportraad is dus niet meer verplicht is, maar ‘sport en openluchtleven’ blijft een culturele materie volgens het Cultuurpact. Inspraak blijft dus verplicht. Dus zouden lokale besturen zonder aparte sportraad het thema ‘sport’ kunnen opnemen in een cultureel adviesorgaan. Dat zou dan een ‘vrijetijdsraad’ kunnen worden.

Laatste aanpassingen: 23/04/2025